Tja, hier kon je natuurlijk op wachten, de nuance bij het meest tragische verhaal van deze week. De hele wereld valt over Aylan, het Syrische jongetje van drie jaar oud, dat deze week is verdronken in de zee tussen Bodrum en het Griekse eiland Kos.
Aylan’s ouders vluchtten vier jaar geleden vanuit het Syrische Kobani naar Turkije. Daar woonde het gezin al vier jaar in de stad Istanboel, bekostigd door Tima uit Canada, de tante van Aylan. Toch niet echt de meest gruwelijke plek om te leven, half Nederland gaat er immers naartoe voor een stukje gezellige stedentrip naar demense toe. De vader van Aylan wilde echter naar zijn familie in Canada. Maar eerst moest z’n gebit gerenoveerd worden in Zweden. Het waren dus economische vluchtelingen.
Bij de eerste door mensensmokkelaars geregelde overtocht werd het gezin opgepakt door de Turkse politie. Bij twee andere pogingen kwamen de smokkelaars niet opdagen. Dus hebben ze de vierde poging maar zelf georganiseerd. Er werd een rubber bootje gekocht en de rest is geschiedenis.
Het blijft nog steeds een onwaarschijnlijk tragisch verhaal, maar Turkije is een relatief veilig land om te wonen. Dat lukte de familie dan ook al vier jaar zonder problemen. Er is nooit een asielaanvraag ingediend voor Canada en Zweden. Waarom riskeerde de vader van Aylan het leven van zijn familie door deze riskante overtocht te ondernemen, terwijl ze in een veilig gebied woonden. Het zal waarschijnlijk altijd wel een vraag blijven. Aylan, zijn broertje en zijn moeder zijn vandaag door de vader in Kobani begraven.
Update: Verhaal op Elsevier aangepast. Zo is er niet meer te lezen dat ze al vier jaar in Istanboel woonden.















