Voor de gemiddelde lezer zal de titel dezes niet veel verbazing opwekken. Immers wordt een telefoon die op schoot ligt niet vastgehouden. Waar dergelijke basale fysieke feiten niet tot verwarring leiden bij u, is er een clubje mensen in Utrecht die daar toch aanzienlijk meer moeite mee heeft.
Het gaat dan natuurlijk voor de oplettende lezertjes onder u om de CVOM, de Centrale Verwerking Openbaar Ministerie, die de verkeerszaken afhandelt. Veel bulk, weinig diepte in de dossiers. Die kregen van de rechtbank in Rotterdam een mooi overzicht van waarom op schoot hebben niet hetzelfde is als vasthouden.
De wetgever heeft het vasthouden van een elektronisch apparaat verboden tijdens het rijden om volstrekt logische redenen. Wie afgeleid wordt tijdens het rijden is een potentieel gevaar op de weg. Uit de wetsgeschiedenis blijkt (zie uitspraak) dat het vasthouden verboden werd en expliciet niet bijvoorbeeld telefoneren. Het OM wil graag dat iets dat niet in de wet staat en expliciet niet door de wetgever bedoeld is tóch verboden krijgen en gaat daarom met regelmaat weinig kansrijke standpunten verdedigen in de hoop dat er één rechter een keer hun kant op gaat. Waarna ze kapotte grammofoonplaat kunnen uithangen en dat jarenlang nog kunnen aanhalen, ongeacht wat er verder in de jurisprudentie gebeurt.
Deze rechter is gelukkig glashelder en legt ook uit (naast de inhoudelijk juridische kant) waarom het door de CVOM gewenste simpelweg niet kan. Iets is namelijk pas verboden wanneer dit uit de wet blijkt, het legaliteitsbeginsel.
“Dat is nu echter precies wat het legaliteitsbeginsel wil voorkomen: het moet voor (in dit geval) de bestuurder duidelijk zijn wat mag en wat niet mag, alvorens aan dat laatste door het CVOM een sanctie kan worden verbonden.”
Ach, u moet maar zo denken, krijgen ze bij het OM mooi weer een bijscholingscursus staats- en bestuursrecht.























